
Ik deed het.
60 kilometer wandelen langs de kustlijn.
Terwijl ik dit schrijf, moet ik het zelf nog een beetje laten binnenkomen.
Want vorig jaar schreef ik na mijn 25 km Coastwalk nog voorzichtig: “Volgend jaar misschien 40 km?”
Wie had toen gedacht dat het er uiteindelijk 60 zouden worden?
Ik alvast niet meteen. En toch gebeurde het.
Niet omdat ik plots harder wilde gaan, niet omdat ik mezelf iets moest bewijzen en ook niet omdat ik vond dat het altijd méér moest zijn.
Maar omdat ergens onderweg dat idee begon te groeien.
Tot ik op een bepaald moment dacht: wat als ik gewoon de hele kustlijn zou wandelen?
Heel even was er zelfs het zotte idee van 80 km, maar dat liet ik vrij snel weer los. Want waarom zou ik mezelf zo hard pushen als mijn buikgevoel al aangaf dat het niet helemaal klopte?
Genoeg is ook genoeg.
En als ik eerlijk was met mezelf, wist ik dat het trainingsschema voor 80 km niet haalbaar zou zijn in mijn dagelijks leven. Niet met mijn werk, niet met mijn gezin en niet met alles wat ik daarnaast ook nog graag wil dragen, doen en betekenen.
Dus werd het 60 km.
Nog altijd zot genoeg.
Nog altijd een stevige uitdaging.
Maar wel eentje die klopte.
Eentje waar ik naartoe kon groeien op mijn tempo, met mijn regels, met zachtheid én discipline.
Van zot idee naar doel
Wat volgde, was een jaar van plannen, keuzes maken, mijn agenda bekijken en opnieuw bekijken en tussentijdse doelen stellen om dat grote einddoel niet uit het oog te verliezen.
Want 60 km wandel je niet zomaar.
Je lichaam moet wennen, maar je hoofd eigenlijk ook.
In theorie was het duidelijk: drie keer per week minstens 5 km wandelen en daarnaast één grote wandeling in het weekend.
Klinkt haalbaar, toch?
Tot het echte leven ertussen komt. Een drukke werkdag. Een vol hoofd. Een gezin dat ’s avonds op je wacht. Een planning die uitloopt.
Of een lichaam dat heel duidelijk zegt: vandaag even niet.
En daar zat voor mij meteen een eerste les.
Niet alles wat op papier logisch lijkt, past zomaar in een leven dat al gevuld is.
Dus mocht ik mildheid aan de dag leggen.
Niet als excuus om op te geven, maar wel als zachte uitnodiging om niet krampachtig vast te houden aan een schema dat op sommige momenten meer druk gaf dan steun.
De korte wandelingen door de week lukten niet altijd, soms gewoon niet, maar de grote wandelingen in het weekend bleef ik wel trouw inplannen.
Dat werden mijn ankerpunten. Mijn momenten van training, maar ook mijn momenten van ademruimte.
Van afstand nemen.
Van opnieuw voelen waarom ik dit deed.
Daarnaast plande ik ook tussentijdse uitdagingen, zodat die 60 km niet zomaar als een verre berg voor mij bleef liggen.
In januari 2026 nam ik deel aan De Panne Trail van 35 km.
Mijn eerste grote test.
En wonder boven wonder: die lukte. Niet moeiteloos, maar wel stap voor stap.
In maart volgde de Poppies Walk in Ieper van 42 km, opnieuw een mijlpaal waarop ik voelde dat mijn lichaam sterker werd en mijn vertrouwen stilletjes meegroeide.
Die tussentijdse doelen hielpen mij om mijn langetermijndoel niet uit het oog te verliezen. Ze hielden mij in beweging, ook wanneer het lastig was en ook wanneer ik dacht: waar ben ik eigenlijk aan begonnen?
De ambitieuze vrouw in mij
Misschien is dat wel wat ambitie voor mij betekent.
Niet altijd harder gaan, niet jezelf voorbijlopen en niet koste wat kost bewijzen dat je sterk bent, maar wel een doel durven kiezen dat je doet groeien.
Een doel dat je uitdaagt, dat vraagt dat je keuzes maakt, dat je leert plannen en bijsturen en dat je uitnodigt om goed voor jezelf te zorgen.
Want ja, die 60 km gingen over wandelen, maar tegelijk gingen ze over zoveel meer.
Over timemanagement.
Over zelfzorg.
Over fysiek én mentaal voor jezelf zorgen.
Over durven zeggen: dit is belangrijk voor mij.
Over ruimte maken in je agenda voor iets dat misschien niet dringend lijkt, maar wel voedend is.
Over voelen dat je lichaam je draagt, dat je hoofd leeg mag worden en dat je grenzen niet je vijand zijn, maar net richting kunnen geven.
Misschien is dat voor mij ook de essentie van een Boss Babe.
Niet de versie die altijd perfect, snel en onoverwinnelijk is, maar de vrouw die durft dromen, kiezen en gaan voor wat haar hart sneller doet slaan.
De vrouw die haar doelen serieus neemt, maar onderweg ook leert vertragen omdat ze weet dat haar vuur niet verdwijnt wanneer ze rust neemt.
Integendeel.
Soms wordt het net helderder.
Warmer.
Echter.
Een coach aan mijn zijde
Wat in januari 2025 begon als een zot ideetje met wandelcoach Mieke (@wandelpraktijk), groeide uit tot iets veel groters dan “gewoon” wandelen aan zee.
Iets met betekenis.
Iets met diepgang.
Mieke en ik leerden elkaar kennen via onze kinderen, eerst door dezelfde klas en later ook samen in het oudercomité.
En daarna werden we ook partners in crime met de ondernemersmicrobe.
Vanuit dat gedeelde pad ontstond een idee: een doel, een uitdaging en een kans om te groeien.
Ik wilde zelf ervaren wat het betekent om een coach aan mijn zijde te hebben.
Wat heb ik nodig als mens, als vrouw en als leider van mijn eigen leven?
En hoe neem ik dat mee in mijn onderneming, Soul and Sisterhood?
Mieke, met haar frisse blik en haar liefde voor wandelen, maakte een persoonlijk wandelschema.
Voor mij werd dat schema veel meer dan een planning met kilometers.
Het werd een oefening in zelfzorg.
Voor haar was het tegelijk een mooie stap in de verdere uitbouw van haar praktijk.
Wat ooit begon als een ontmoeting tussen twee mama’s, groeide uit tot een vriendschap én een gedeelde visie op wat écht telt: mildheid, beweging en verbinding.
Elk vanuit onze eigen kracht, maar met evenveel liefde voor mensen.
En die liefde voelde ik in alles.
In de manier waarop ze keek naar mijn schema, in de manier waarop ze rekening hield met het echte leven en in de manier waarop ze begreep dat werk, kinderen, vermoeidheid of een vol hoofd soms gewoon maken dat een planning anders loopt dan gedacht.
Zonder schuldgevoel.
Zonder harde druk.
Wel met zachte helderheid.
Oké. En hoe pikken we de draad weer op?
Alleen al die vraag is goud waard.
Want coaching gaat voor mij niet over iemand die voor jou uitloopt en roept dat je sneller moet.
Het gaat over iemand die naast je loopt, ziet wat er gebeurt, mee helpt bijsturen en je zacht duwt wanneer je dreigt op te geven.
Maar het gaat ook over iemand die je helpt afremmen wanneer je jezelf dreigt voorbij te lopen.
En laat dat nu net iets zijn waar ik nog veel in te leren had.
Ik heb de neiging om snel te gaan.
Altijd vooruit.
Altijd tempo.
Altijd nog iets meer.
Maar Mieke leerde me het afgelopen jaar dat het niet altijd 5 km per uur hoeft te zijn.
Het mag ook minder, zolang je maar blijft bewegen.
En precies daarin zit haar kracht.
Ze begeleidt niet alleen je benen, maar ook je mindset.
Ze helpt je volhouden zonder jezelf kwijt te raken.
Dankjewel, Mieke.
Voor je zachtheid.
Voor je vertrouwen.
Voor de kilometers.
En voor alles wat er tussenin gebeurde.
De grote dag
En dan was het zover.
De dag van de 60 km Coastwalk.
De dag waarop al die trainingen, twijfels, wandelingen, gesprekken, schema’s en bijsturingen samenkwamen.
Ik stond aan de start met goesting, maar ook met de nodige twijfels.
Want 60 km blijft 60 km.
Je kan nog zo goed plannen, nog zo veel wandelen en nog zo vaak tegen jezelf zeggen dat het wel zal lukken, maar op de dag zelf moet je het wel doen.
Stap voor stap.
Kilometer per kilometer.
Rustpost per rustpost.
Onderweg kom je jezelf tegen.
Je lichaam.
Je hoofd.
Je grenzen.
Je kracht.
Je twijfel.
En gelukkig ook je humor, want zonder humor kom je er niet.
Maar ik kwam niet alleen aan de start.
Verre van.
En misschien is dat één van de mooiste lessen van dit hele traject.
Je moet het uiteindelijk zelf doen, maar je hoeft het niet alleen te doen.
De sisterhood aan mijn zijde gaf me vleugels
Ik ben ook geslaagd in mijn doel door de vele supporters aan mijn zijde.
Doorheen het jaar voelde ik mensen meeleven.
Ze vroegen hoe het ging, hoe de trainingen liepen, of ik er klaar voor was en of ik zenuwachtig begon te worden.
Elke keer gaf dat een extra duwtje in mijn rug, want ja… je zou toch niet willen zeggen dat het niet gelukt is. ;-)
Maar los daarvan voelde ik vooral dat mensen mee geloofden.
En dat doet iets.
Dat tilt je op.
De belangrijkste sister aan mijn zijde was mijn wandelcompagnonne en partner in crime, Sandra
Een vriendschap die begon in het middelbaar en doorheen de jaren uitgroeide tot echte verbinding.
Wie had ooit gedacht dat een middelbare schoolvriendschap zou uitgroeien tot dit?
Wat een jaar hebben we achter de rug.
Uren praten tijdens onze wandelingen, maar ook stiltes die goed voelden.
Veel luisteren naar elkaar, dingen loslaten, zaken in perspectief zetten, lachen, zuchten en gewoon blijven stappen.
Tijdens De Panne Trail en de Poppies Walk zeiden we het vaak tegen elkaar: we zouden dit met niemand anders kunnen doen.
Omdat we dezelfde cadans hebben.
Omdat we elkaar aanvoelen.
Omdat we zonder veel woorden weten wanneer het voor de ander wat lastiger wordt.
Dan passen we het tempo aan, zeggen we even niets of gooien we er plots een nieuw onderwerp tussen om elkaar erdoor te trekken.
Tijdens die lange kilometers hadden we allebei onze downmomenten, maar net op die momenten was de ander er.
Niet met grote woorden.
Gewoon door er te zijn.
Door mee te stappen.
Door te blijven.
En dan was er ook Eline.
Een straffe madam.
Zij koos voor de 42 km, maar doorheen het jaar spraken we regelmatig af om samen kilometers af te leggen.
Ook daar waren er mooie gesprekken over goed voor jezelf zorgen, ook wanneer het moeilijk gaat.
Over keuzes maken.
Over mild zijn.
Over blijven bewegen, letterlijk en figuurlijk.
En af en toe waren er die stille duwtjes in onze rug.
Een klein tekstje. Een bemoedigende zin. Een berichtje op het juiste moment.
Ook tijdens de Coastwalk zelf gaf ze ons updates over de route die nog voor ons lag.
En ja, ze had gelijk.
Dat ene stuk was een kuitenbijter, maar haar berichtje dat dit het lastigste stuk was, gaf ons perspectief.
Nog even doorzetten tot de volgende rustpost en daarna kwam het einde stilaan in zicht.
Eline, jij bent een topmadam.
Wat jij alleen hebt gepresteerd, 42 km lang, daar doe ik mijn hoedje voor af.
Tijdens de wandeling ontplofte mijn sociale media bijna.
Mensen volgden mee waar we zaten, hoe ver we al waren en hoe het nog ging.
De aanmoedigingen deden zo veel deugd, veel meer dan ik op voorhand had gedacht.
Ze gaven ons vleugels.
We voelden ons gedragen, gesteund en gezien.
En dan ben je volop aan het wandelen.
Je zit al diep in de kilometers, je voelt je benen, je hoofd begint te rekenen en je denkt alleen nog aan de volgende rustpost.
En plots staat daar Evelien.
Helemaal niet verwacht.
Je hoort je naam roepen en dan komt dat ene zinnetje:
Ik wist al dat je een straffe madam was, maar wat je vandaag presteert, daar mag je trots op zijn.
Dat kwam binnen.
Op zo’n moment kan één zin genoeg zijn om opnieuw rechter te stappen, dieper adem te halen en te voelen: ik geef niet op.
Niet nu.
Niet in die laatste 20 km.
En dan kwam de finish.
Daar stonden mijn belangrijkste supporters in het leven op mij te wachten.
Mijn dochter.
Mijn man.
Ook zij geloofden in mijn plan om 60 km te wandelen.
Ze gunden mij de trainingstijd, gingen mee wandelen ook wanneer ze daar misschien niet altijd evenveel zin in hadden en maakten mee ruimte voor dit doel.
Daardoor werd dit niet alleen mijn verhaal.
Het werd ook een beetje ons verhaal.
Als gezin hebben we onderweg mooie momenten gehad die ik zal koesteren.
En het deed zo veel deugd om hen daar te zien staan.
Met trotse ogen.
Aan de eindmeet.
Dat beeld neem ik mee.
Voor altijd.
Wat deze 60 km mij leerden
Die 60 km waren geen gewone wandeling.
Ze waren een spiegel.
Van mijn ambitie, mijn grenzen, mijn nood aan structuur, mijn verlangen naar vrijheid, mijn kracht en mijn zachtheid.
Ik heb opnieuw gevoeld hoe belangrijk het is om doelen te stellen.
Niet om jezelf vast te zetten, maar om richting te geven.
Om een reden te hebben om te blijven stappen, ook wanneer het lastig wordt.
Ik heb gevoeld hoe belangrijk timemanagement is, niet als strak systeem waarin alles perfect moet passen, maar als manier om ruimte te maken voor wat ertoe doet.
Voor jezelf.
Voor je lichaam.
Voor je hoofd.
Voor je dromen.
Ik heb ook gevoeld dat zelfzorg soms betekent dat je je wandelschoenen aantrekt, maar dat het op andere momenten net betekent dat je ze even laat staan.
Vertragen is geen falen.
Soms moet je vertragen om nadien weer vooruit te kunnen.
Soms moet je afstand nemen om alles helderder te zien.
En soms moet je letterlijk kilometers stappen om opnieuw te voelen wat je eigenlijk al wist.
Dat je het waard bent.
Dat je mag kiezen voor jezelf.
Dat je grote doelen mag hebben, maar niet ten koste van jezelf.
Dat je ambitieus mag zijn en tegelijk zacht.
Dat je mag dromen en tegelijk rust nodig mag hebben.
Dat je krachtig mag zijn en tegelijk gedragen mag worden.
En wat nu?
En nu? Nu berg ik mijn wandelschoenen even op.
De 80 km volgend jaar? Nee, dank je wel.
Nog eens opnieuw de 60 km? Dat hoeft voor mij ook niet.
Deze ervaring neem ik mee voor het leven, niet omdat ik nu altijd verder moet of omdat het volgend jaar groter of straffer moet, maar omdat deze 60 km genoeg waren.
Meer dan genoeg.
Ze hebben me zoveel geleerd over sisterhood, over kiezen voor mezelf en vooral over goed zorg dragen voor mezelf.
Over doelen stellen en erin blijven geloven, hoe groot ze soms ook lijken.
Over blijven stappen wanneer het lastig wordt, maar ook over stoppen wanneer het genoeg is.
En dat laatste is misschien minstens even belangrijk.
Want de ambitieuze vrouw in mij zal wel weer een nieuwe uitdaging vinden.
Daar twijfel ik niet aan.
Dat vuur zit in mij en dat mag er zijn.
Maar ik neem deze les mee: niet elke uitdaging moet groter zijn dan de vorige.
Niet elk doel hoeft harder, verder of sneller.
Soms mag een nieuw doel ook zachter zijn.
Meer afgestemd op wie je vandaag bent.
Ik kijk met een warm hart terug op de kilometers, de gesprekken, de stilte, de pijnlijke benen, de supporters, de onverwachte aanmoedigingen, mijn coach, mijn sisters, mijn gezin en mezelf.
Want ik heb het gedaan.
60 km.
Stap voor stap.
Met vuur.
Met mildheid.
Met verbinding.
En vooral met deze zin stevig in mijn hart:
Ambitieuze sister, leef vanuit jouw authentieke soul.










